Terminologie¶
NASLAGWERK · AFKORTINGEN · TECHNISCHE TERMEN
Alfabetisch overzicht van alle technische termen en afkortingen in deze documentatie.
| Term | Betekenis |
|---|---|
| 18650 | Cilindrische lithium-ioncel van 18 bij 65 mm; op nodes als losse cel in een houder of vast ingebouwd |
| 70 cm-band | Amateur radioband 430–440 MHz, licentie vereist |
| 868 MHz | ISM-band frequentie voor Europa |
| Aanvullende buildopties | Eigenschap die los van de drie variatie-assen aan of uit kan: radioklasse, schermklasse, brug, sensoren, logging. Verklaart waarom er 507 buildtargets met een rol zijn en niet 474 |
| ACK | Acknowledgement — bevestiging dat een bericht is ontvangen |
| ACL | Access Control List — de tabel met bekende clients van een repeater, sensor of room server, met per client zijn publieke sleutel en rechten. Ruimte voor 20 (MAX_CLIENTS) |
| Advert/Beacon | Periodiek signaal voor aanwezigheidsmelding en uitwisseling van de publieke sleutel. In lopende Nederlandse tekst: aankondiging of aankondigingsbericht |
| AES | Advanced Encryption Standard — versleutelingsalgoritme (128/256-bit) |
| AGC | Automatic Gain Control — automatische versterkingsregeling in de ontvanger; zie set agc.reset.interval in Routing |
| Applicatie | Een van de zes programma's in examples/ die samen met de gedeelde broncode tot één firmwarebestand worden gecompileerd. De applicatie bepaalt welke rol een node vervult |
| Arduino-core | Implementatie van de Arduino-API voor één chipfamilie. MeshCore gebruikt er vier: Arduino-ESP32, Adafruit nRF52, arduino-pico en STM32duino |
| ATT | Attribute Protocol — onderliggend protocol van GATT in BLE |
| Basissectie | Sectie in platformio.ini zonder env:-voorvoegsel. Wordt niet zelf gebouwd maar dient als ouder voor buildtargets die er via extends van erven. MeshCore 03b6ef4 heeft er 108 |
| BBS | Bulletin Board System — centrale plek waar deelnemers berichten achterlaten en ophalen zonder tegelijk aanwezig te zijn. Het model waar de Room Server op teruggaat; de standaardnaam van een onbeschreven room server is Test BBS |
| BLE | Bluetooth Low Energy — energiezuinige verbinding tussen node en smartphone |
| Blokkering | Verhoging van de effectieve ruisvloer doordat een sterk signaal buiten de eigen band de ontvangketen overstuurt. Genormeerd in ETSI EN 300 220-1 |
| bootloader | Klein programma dat als eerste start en de eigenlijke firmware laadt of vervangt; bepaalt hoe je een node kunt flashen |
| Bordklasse | Klasse die het bordcontract mesh::MainBoard implementeert voor één bord of één familie. MeshCore telt er 71: zes in src/helpers/ en 65 in variants/ |
| Broncodestructuur | De indeling van de MeshCore-broncode (Engels: source tree): elf kernbestanden in src/, een verzameling hulpklassen, zes applicaties in examples/ en negenenzeventig variantmappen in variants/ |
| Bronfilter | De optie build_src_filter in platformio.ini, die bepaalt welke bronbestanden in een buildtarget terechtkomen. In MeshCore bepaalt hij welke van de zes applicaties wordt gecompileerd — de naam van het target zegt daar niets over |
| Brug | Contract voor een tweede transportweg naast LoRa, waarlangs pakketten een node in en uit kunnen. MeshCore kent er twee implementaties: ESP-NOW en RS232 |
| build flag | Compileeroptie in platformio.ini (-D NAAM=waarde) die bepaalt welke code wordt meegecompileerd |
| build target | Eén [env:…]-sectie in platformio.ini: de combinatie van bord, rol en instellingen die tot één firmwarebestand leidt. MeshCore telt er 507, plus [env:native] voor de tests |
| BUSY | Signaallijn van een SX126x-radio naar de SoC: actief zolang de chip een opdracht verwerkt. In MeshCore de buildvlag P_LORA_BUSY |
| BW | Bandwidth — bandbreedte in kHz (125/250/500), smaller = robuuster |
| CAD | Channel Activity Detection — functie van de LoRa-chip die vaststelt of er een LoRa-signaal op het kanaal is; zie Na de gepinde commit |
| Callsign | Roepnaam — unieke identificatie voor radioamateurs (bijv. PE1HVH) |
| Cavity filter | Banddoorlaatfilter waarvan elke kring een kwartgolfresonator in een afgesloten metalen kast is. Hoogste Q en laagste invoegverlies van alle filtertypen, maar groot en zwaar. Het Nederlands kent geen eigen term; ook in Nederlandstalige praktijk heet dit filter cavity filter |
| CCCD | Client Characteristic Configuration Descriptor — aan/uit schakelaar voor BLE Notify |
| Channel | Gedeelde cryptografische sleutel (PSK) voor groepscommunicatie |
| Chirp | Frequentiesweep van laag naar hoog (up-chirp) of hoog naar laag (down-chirp) |
| app_target_ver | Het protocolniveau dat een app in byte 1 van CMD_DEVICE_QUERY opgeeft. De firmware bewaart het in het geheugen en past aan wat hij terugstuurt; bij verbreking valt het terug naar 0 |
| CLI | Command Line Interface — de commandoregel van repeater, room server en sensor, via de seriële console of op afstand; zie CLI-referentie |
| Companion App | Smartphone applicatie om de MeshCore node te bedienen |
| Companion-protocol | De binaire afspraak tussen een companion-app en een node: frames van maximaal 176 bytes over BLE, USB of TCP, met 58 commando's, 29 antwoordcodes en 17 pushcodes |
| Component | Afgebakend onderdeel van het logisch ontwerp met een eigen verantwoordelijkheid, zoals radio, bord, klok of pakketafhandeling. Een component is geen bestand en geen klasse, maar een plaats in het ontwerp |
| Contract | Abstracte afspraak tussen twee componenten, in C++ vastgelegd als klasse met virtuele methoden. Wie eraan voldoet kan elke andere implementatie vervangen. MeshCore kent er acht: radio, bord, klok, entropiebron, gezien-tabel, pakketpool, scherm en brug |
| Cortex-M0+/M4/M4F | ARM-processorkernen. M0+ is de eenvoudigste, M4 heeft signaalverwerkingsinstructies, M4F daarbovenop een floating-point-eenheid |
| CP437 | De tekenset van de originele IBM-pc. MeshCore gebruikt er één teken uit, het volle blok 0xDB, als vervanging voor elk niet-ASCII-teken op het scherm |
| CR | Coding Rate — foutcorrectieniveau (4/5 tot 4/8), meer = betrouwbaarder |
| CSS | Chirp Spread Spectrum — de modulatiemethode die LoRa gebruikt |
| dBd | Antennewinst ten opzichte van een halvegolf-dipool. De regelgeving op 868 MHz rekent hierin. dBd = dBi − 2,15 |
| dBi | Antennewinst ten opzichte van een isotrope straler — de gedachte antenne die in alle richtingen even hard straalt. Datasheets gebruiken meestal deze referentie |
| dBm | Decibel-milliwatt — eenheid voor zendvermogen (14 dBm = 25 mW) |
| Dechirp | Demodulatie door ontvangen chirp te vermenigvuldigen met lokale down-chirp |
| dentering | Het onderdrukken van het meermaals schakelen dat een mechanische knop bij één druk veroorzaakt |
depends= |
Regel in library.properties waarmee een library opgeeft welke andere libraries hij nodig heeft; PlatformIO haalt die automatisch op |
| Desensitisatie | Verlies aan gevoeligheid van een ontvanger door signalen die niet in het eigen kanaal zitten; het gevolg van blokkering, intermodulatie of instraling |
| Dest hash / Src hash | Eerste byte van de public key van ontvanger respectievelijk afzender, onversleuteld in het pakket |
| DFU | Device Firmware Update — firmware updaten zonder programmer. Op nRF52 via Bluetooth, op STM32 via USB |
| Direct routing | Routeren langs een vooraf bekend pad; alleen de repeaters die in het pad staan sturen door |
| DM | Direct Message — privébericht tussen twee nodes, end-to-end versleuteld |
| Duty Cycle | Percentage zendtijd dat is toegestaan (EU: max 1% op 868 MHz) |
| E2E | End-to-End encryptie — alleen zender en ontvanger kunnen berichten lezen |
| Eindtrap (PA) | Power Amplifier — versterkertrap achter de radiochip die het zendvermogen optrekt, bijvoorbeeld van 22 naar 30 dBm |
| e-ink | Elektronisch papier; houdt het beeld vast zonder stroom en is bij daglicht goed leesbaar, maar ververst traag |
| EIRP | Effective Isotropic Radiated Power — effectief uitgestraald vermogen incl. antenne |
| Encrypt-then-MAC | Eerst versleutelen, daarna de MAC over de cijfertekst berekenen |
| Entropiebron | De generator voor willekeurige getallen van een node. MeshCore kent twee implementaties: de ruis van de radio-ontvanger (RadioNoiseListener) en de standaardgenerator (StdRNG) |
| e-paper | Schermtechniek die zijn beeld vasthoudt zonder stroom. In MeshCore herkenbaar aan isEink() en aan een lagere verversfrequentie |
| ERP | Effective Radiated Power — effectief uitgestraald vermogen inclusief antenne-winst |
| ESP32 | Populaire microcontroller van Espressif met WiFi en Bluetooth |
| ESP-IDF | Espressif IoT Development Framework — de native SDK van Espressif waar de Arduino-ESP32-core bovenop draait |
| ESP-NOW | Verbindingsloos radioprotocol van Espressif tussen ESP32-chips onderling; in MeshCore alleen op ESP32 beschikbaar |
extends |
Overervingsmechanisme van PlatformIO: een sectie neemt alle opties van de genoemde sectie over. Staat los van ${sectie.optie}, dat tekst invoegt; wie maar één van de twee volgt, mist 28 van de 508 buildtargets |
| FEM | Front-End Module — module met versterkers en antenneschakelaar tussen radiochip en antenne |
| FFT | Fast Fourier Transform — algoritme voor frequentieanalyse van gedechirpt signaal |
| Firmware | Software die permanent op de microcontroller van een node draait |
| First packet wins | Bij meerdere kopieën van hetzelfde floodbericht wordt de eerst binnengekomene verwerkt; dat pad wordt geleerd, niet per se het kortste |
| Flashen | Firmware installeren of updaten op een apparaat |
| Flood | Routeermodus waarbij elke repeater het pakket doorstuurt en zijn hash aan het pad toevoegt |
| frameworklibrary | Library die meekomt met het frameworkpakket van een platform en dus geen auteursprefix en geen versienummer heeft: SPI, Wire en SubGhz |
| FSPL | Free Space Path Loss — vrijeruimteverlies, het verlies over de afstand zonder obstakels. 20·log10(km) + 20·log10(MHz) + 32,44 |
| FIRMWARE_VER_CODE | Het protocolniveau dat de firmware zelf aankan, los van het versienummer dat mensen zien. Op commit 03b6ef4 staat het op 13. Bepaalt welke velden een app in een antwoord mag verwachten |
| Frame | Eén bericht op het companion-koppelvlak: één byte opcode gevolgd door de payload, samen maximaal MAX_FRAME_SIZE (176) bytes. Niet te verwarren met een LoRa-pakket, dat over de lucht gaat |
| GATT | Generic Attribute Profile — structuur voor BLE data-uitwisseling |
| Gedeelde broncode | src/ en examples/ samen: de code die in elke build kan meedoen, tegenover variants/ dat aan één bord vastzit. 119 van de 196 klassen |
| Gezien-tabel | Lijst waarmee een node controleert of een pakket al eerder is ontvangen — technisch een duplicatendetectietabel. Zonder deze tabel zou een pakket in een netwerk met meerdere repeaters blijven rondgaan |
| GNSS | Global Navigation Satellite System — verzamelnaam voor GPS, Galileo, GLONASS en BeiDou samen |
| GODMODE | Bouwvlag RADIOLIB_GODMODE=1 die alle private- en protected-leden van RadioLib publiek maakt; MeshCore gebruikt dat om rechtstreeks bij de modulelaag te kunnen |
| GPIO | General Purpose Input/Output — aansluitpinnen voor externe apparaten |
| GPS/GNSS | Global Navigation Satellite System — satellietnavigatie voor locatiebepaling |
| GPX | GPS Exchange Format — XML-formaat voor het uitwisselen van routes, sporen en waypoints tussen navigatieapparatuur en -software |
| HAL | Hardware Abstraction Layer — laag die chipspecifieke registers verbergt achter een uniforme API |
| HAM | Amateur radio modus — licentie vereist, geen encryptie toegestaan |
| Hardwarevariant | Eén map onder variants/ met de pinbezetting en instellingen van één bord. MeshCore telt er negenenzeventig |
| Hop | Eén sprong tussen twee nodes in het mesh-netwerk |
| I²C | Inter-Integrated Circuit — bus voor aansluiten van sensoren en displays |
| Implementatie | Werkende uitwerking van een contract: de klasse die daadwerkelijk doet wat het contract belooft, en die door elke andere implementatie van hetzelfde contract vervangbaar is |
| Implementatieklasse | Klasse die een interfaceklasse implementeert en daardoor door elke andere implementatie vervangbaar is. Groep 2 van het klassenmodel; 50 in de gedeelde broncode |
| Interfaceklasse | Klasse die uitsluitend vastlegt wat een implementatie moet kunnen, zonder werkende code. Groep 1 van het klassenmodel; 14 in de gedeelde broncode |
| Intermodulatie | Mengproducten die ontstaan wanneer twee of meer sterke signalen een niet-lineair onderdeel passeren. Het verschil van twee zenders kan in de eigen band vallen |
| Invoegverlies | Demping die een filter of ander passief onderdeel in de doorlaatband veroorzaakt, in dB |
| IPEX/U.FL | Kleine click-on antenneconnector voor interne antennes |
| ISM-band | Industrial, Scientific, Medical — vrije frequentieband, 868 MHz in Europa |
| Keep-alive | Periodiek verzoek (0x02) van een client aan een server om de verbinding levend te houden. Bij een room server draagt de bevestiging het aantal wachtende posts mee. Wordt alleen direct beantwoord, nooit via flood |
| Key Rotation | Periodiek vervangen van cryptografische sleutels voor extra veiligheid |
| KISS | Keep It Simple, Stupid — protocol uit de packetradio voor het doorgeven van rauwe frames tussen modem en computer. Naam van een van de zes MeshCore-rollen, die de mesh-logica grotendeels omzeilt |
| kwartgolfresonator | Resonator waarvan de geleider een kwart golflengte lang is en aan één kant is kortgesloten; de bouwsteen van helical-, interdigitaal-, combline- en cavityfilters. Op 869,618 MHz is een kwart golflengte 86,2 mm |
| Koppelpunt | De plek waar een concrete klasse aan een contract wordt gekoppeld. Bij de radio ligt dat niet in de kern maar in variants/*/target.h, via WRAPPER_CLASS |
lib_deps |
Sleutel in platformio.ini waarmee een sectie opgeeft welke libraries hij nodig heeft |
| Library Dependency Finder (LDF) | Onderdeel van PlatformIO dat de broncode op #include-regels scant en daar libraries bij zoekt, ook als die niet gedeclareerd zijn |
library.json |
Metadatabestand van een PlatformIO-library; de sleutel "dependencies" speelt dezelfde rol als depends= |
library.properties |
Metadatabestand van een Arduino-library, met naam, versie, auteur en de regel depends= |
| Link Budget | Totaal signaalverlies dat een verbinding kan verdragen en nog decodeerbaar is |
| LittleFS | Compact filesystem voor microcontrollers, bestand tegen stroomuitval; gebruikt op nRF52, RP2040 en STM32WL |
| LNA | Low Noise Amplifier — versterker in het ontvangstpad, vlak achter de antenne |
| Logisch ontwerp | Beschrijving van wat een systeem is: componenten, verantwoordelijkheden, contracten en gegevens, zonder naar de implementatie te wijzen. Tegenhanger van het technisch ontwerp |
| LoRa | Long Range — gepatenteerde modulatietechniek voor langeafstandscommunicatie |
| LPCOMP | Low-Power Comparator in de nRF52 — kan de chip uit SYSTEMOFF wekken op een spanningsverandering |
| LPP | Low Power Payload — compact binair formaat voor sensordata; MeshCore gebruikt CayenneLPP als draadformaat voor telemetrie |
| LR1110 | Semtech-transceiver die LoRa combineert met GNSS- en WiFi-scanning voor locatiebepaling zonder losse GPS-module |
| MAC (cipher) | Message Authentication Code — HMAC-SHA256 over de cijfertekst, afgekapt op 2 bytes. MeshCore gebruikt de term MIC niet |
| Macro | Naam die de preprocessor vóór het compileren door een waarde vervangt. In MeshCore dragen macro's zowel aan/uit-keuzes als klassennamen; zie typeinjectie |
| MCU | Microcontroller Unit — de chip waarop de firmware draait, met processor, geheugen, flash en de bussen waaraan de rest van de node hangt. Op ESP32, nRF52840 en STM32WLE5 zit die MCU in een SoC; de RP2040 is een kale MCU. Elke SoC bevat een MCU, niet elke MCU zit in een SoC |
| Meegeleverde code | Externe code die als kopie in de repo staat in plaats van door de package manager te worden opgehaald (Engels: vendored); zie vendoring |
| Mesh | Netwerk waarbij elk apparaat berichten kan doorsturen naar anderen |
| Meshtastic | Alternatieve LoRa mesh firmware — niet compatibel met MeshCore |
| MISO | Master In Slave Out — de SPI-lijn waarover het aangesloten apparaat data naar de SoC stuurt |
| MIT-licentie | Open-source licentie voor vrij gebruik, aanpassen en distributie |
| MOSI | Master Out Slave In — de SPI-lijn waarover de SoC data naar het aangesloten apparaat stuurt |
| NMEA | Regelgebaseerd tekstformaat waarin een GNSS-ontvanger positie, tijd en satellietaantal uitstuurt. Eén zin past in de buffer van honderd bytes |
| Node | Een apparaat/knooppunt in het MeshCore netwerk |
| Node-hash | Verkorte aanduiding van een node in paden en pakketten: de eerste byte van zijn public key (in ruimere padmodi 2 of 3 bytes). Er is geen 4-byte Node-ID |
| nRF52840 | Nordic microcontroller met ultra-laag stroomverbruik en Bluetooth |
| NSS | Chip select van de SPI-bus: laag zolang de SoC dit ene apparaat aanspreekt. In MeshCore P_LORA_NSS; ook CS genoemd |
| Opcode | De eerste byte van een companion-frame, die bepaalt hoe de rest gelezen wordt. Commando's 1-65, antwoordcodes 0-28, pushcodes 0x80-0x90 |
| NUS | Nordic UART Service — BLE service die seriële poort simuleert |
| OLED | Organic LED — het kleine zelfoplichtende schermpje op veel nodes, meestal een SSD1306 of SH1106 op de I²C-bus |
| opt-in / opt-out | Twee tegengestelde conventies voor buildvlaggen. Bij opt-in is de standaardtoestand niets en voegt een macro iets toe (ENV_INCLUDE_BME280); bij opt-out is de standaardtoestand alles en haalt een macro iets weg (RADIOLIB_EXCLUDE_MORSE) |
| OTA | Over-The-Air — draadloze firmware update |
| out_path | Het geleerde pad naar een contact, bewaard in de contactenlijst. 0xFF (OUT_PATH_UNKNOWN) betekent: nog geen pad bekend |
| Pakketpool | Vooraf gereserveerd geheugen voor pakketten, inclusief de wachtrijen naar binnen en naar buiten. De gangbare programmeerterm is object pool of memory pool. MeshCore kent één implementatie: StaticPoolPacketManager |
| Path | Rij node-hashes in een pakket: bij flood het afgelegde pad, bij direct de te volgen route |
| PATH-pakket | Payloadtype 0x08; meldt het afgelegde pad terug aan de afzender. In de FAQ "delivery report" genoemd |
| Payload type | 4 bits in de header die bepalen wat er in de payload staat (0x00-0x0F) |
| PHY | Physical Layer — de fysieke radiolaag die bits omzet naar radiosignalen |
| PIM | Passive Intermodulation — intermodulatie die ontstaat in corroderende metaalovergangen buiten de apparatuur en vervolgens opnieuw wordt uitgestraald; ook bekend als het roestige-boutverschijnsel |
| Platform | In MeshCore: een van de vier bouwdoelen ESP32_PLATFORM, NRF52_PLATFORM, RP2040_PLATFORM en STM32_PLATFORM. Niet hetzelfde als een bord of een chip |
| Platformfamilie | Verzameling SoC's die dezelfde platformbase in platformio.ini delen, bijvoorbeeld ESP32, S3, C3 en C6 onder [esp32_base] |
| PlatformIO environment | Eén [env:]-blok in een platformio.ini: de combinatie van bord, rol en build flags die samen één firmwarebestand oplevert |
| Platformmacro | Buildvlag die de platformfamilie markeert: NRF52_PLATFORM, RP2040_PLATFORM, STM32_PLATFORM. ESP32_PLATFORM bestaat wel maar wordt nergens gelezen — ESP32-code gebruikt de core-macro ESP32 |
| Post | Bericht in een Room Server: 151 tekens platte tekst met een tijdstempel van de serverklok en de eerste vier bytes van de publieke sleutel van de auteur |
| Preamble | Reeks identieke chirps aan het begin van elk packet voor synchronisatie |
| Private Key | Privésleutel — geheim gehouden, voor ontsleutelen van berichten |
| Processing Gain | Signaalversterking door spreiding over vele samples (SF12: ~36 dB) |
| PSK | Pre-Shared Key — vooraf gedeelde cryptografische sleutel voor channels |
| PSRAM | Pseudo-static RAM — extern geheugen naast het interne RAM, op sommige ESP32-borden tot 8 MB |
| Public Key | Publieke sleutel — vrij deelbaar, voor versleutelen van berichten |
| Regio | Benoemd gebied waarbinnen een repeater flood-verkeer doorlaat. De naam levert een sleutel; wat er over de lucht gaat is een 16-bits transport code |
| Regiocode | In de context van UN/LOCODE (zie Regio's: bedoeling en praktijk): de naam van een regio, zoals nl-ov-zwo. Blijft op de node en gaat nooit de lucht in. Niet te verwarren met de transport code |
| registry | Pakketindex van PlatformIO waaruit libraries op naam en versie worden opgehaald |
| Repeater | Node die berichten doorgeeft om het netwerkbereik te vergroten |
| RISC-V | Open processorarchitectuur; gebruikt in de ESP32-C3 en C6, tegenover Xtensa in de klassieke ESP32 en de S3 |
| Rol | Een van de zes applicaties die MeshCore kan zijn: companion radio, repeater, room server, sensor, terminal chat of KISS-modem. Ligt vast bij het compileren en is daarna niet te wijzigen |
| Room Server | Fysieke node met BBS-functie voor store-and-forward. De wachtrij telt 32 posts, staat in het werkgeheugen en overleeft geen herstart |
| Routing | Het bepalen van de beste route voor een bericht door het netwerk |
| RP2040 | Microcontroller van Raspberry Pi met twee Cortex-M0+-kernen; de enige MeshCore-chip zonder ingebouwde radio |
| RSSI | Received Signal Strength Indicator — het ontvangen signaalniveau in dBm. MeshCore bemonstert het om zijn ruisvloer te bepalen |
| RTTTL | Ring Tone Text Transfer Language — het beltoonformaat van Nokia. MeshCore slaat zijn start- en afsluitgeluid erin op |
| ruisvloer | Het ruisniveau waar een ontvanger doorheen moet luisteren. MeshCore meet het zelf over 64 monsters en kapt het af op −120 dBm |
| SAW | Surface Acoustic Wave — filtertechniek waarbij het signaal als akoestische golf over een piëzo-substraat loopt; steile flanken in een kleine behuizing, met een beperkt vermogensbereik |
| Scheduler | Taakplanner die bepaalt wanneer welk werk aan de beurt is. MeshCore heeft er geen: alles draait in één loop() |
| SCL | Serial Clock — de kloklijn van de I²C-bus (PIN_BOARD_SCL) |
| SCLK | Serial Clock — de kloklijn van de SPI-bus (P_LORA_SCLK). Niet te verwarren met SCL, de kloklijn van I²C |
| Scope | De regio die een afzender aan een pakket meegeeft, als transport_codes[0] in de header. In lopende Nederlandse tekst ook: verspreidingsgebied |
| SDA | Serial Data — de datalijn van de I²C-bus (PIN_BOARD_SDA) |
semver-caret (^) |
Versieaanduiding ^7.6.0: minimaal 7.6.0, maar onder de volgende hoofdversie. ~2.0.6 is nauwer: onder 2.1.0 |
| SF | Spreading Factor — bepaalt bereik vs snelheid (SF7–SF12), hoger = verder |
| SIG | Special Interest Group — organisatie achter Bluetooth standaarden |
| SMA | SubMiniature version A — schroefbare antenneconnector |
| SNR | Signal-to-Noise Ratio — verhouding tussen signaal en ruis in dB |
| SoC | System on Chip — chip die een MCU, geheugen en vaak ook een radio in één behuizing combineert. ESP32, nRF52840 en STM32WLE5 zijn SoC's, de RP2040 is dat niet. Het verschil met MCU staat uitgelegd in Hardware van een node |
| SoftDevice | Voorgecompileerde Bluetooth-stack van Nordic die naast de applicatie in de flash van een nRF52 staat |
| SPI | Serial Peripheral Interface — snelle bus voor LoRa chip en SD-kaart |
| SPIFFS | Eenvoudig filesystem voor flashgeheugen; op ESP32 gebruikt voor identiteit en contacten |
| Pushcode | Een opcode vanaf 0x80 waarmee de node ongevraagd een gebeurtenis meldt, zoals PUSH_CODE_MSG_WAITING. Nooit een antwoord op een openstaand verzoek |
| Standalone | Firmwarerol voor een node met eigen scherm en toetsenbord, die zonder companion-app werkt |
| ST-Link | Programmeer- en debugadapter van STMicroelectronics; de gebruikelijke manier om een STM32WL te flashen |
| STM32WLE5 | SoC van STMicroelectronics met een Cortex-M4 en de LoRa-radio (SubGHz) op dezelfde die |
| Store-and-forward | Berichten opslaan totdat de ontvanger bereikbaar is |
| SubGHz-radio | De radio-eenheid binnen de STM32WL; functioneel gelijk aan een SX126x maar zonder SPI-bus ertussen |
| SWR | Standing Wave Ratio — staandegolfverhouding, de mate waarin zendvermogen door de antenne wordt teruggekaatst. 1:1 is perfect, oneindig is een losse antenne |
| SX1262 | Semtech LoRa radiochip — nieuwere, efficiëntere versie |
| SX1276 | Semtech LoRa radiochip — oudere maar nog steeds gebruikte versie |
sync_since |
Tijdstempel die aangeeft tot hoe ver een client de posts van een room server heeft ontvangen. Schuift alleen op wanneer de bevestiging binnen is |
| Sync Word | Netwerk identifier (2 bytes) om verschillende netwerken te scheiden |
| SYSTEMOFF | Diepste slaapstand van de nRF52; vrijwel alles uit, wakker worden alleen via specifieke pinnen of LPCOMP |
| TCP | Transmission Control Protocol — verbindingsgerichte transportlaag. Een node met een WiFi-build opent er een server mee op poort 5000 |
| TCXO | Temperature Compensated Crystal Oscillator — klokbron die zijn frequentie vasthoudt bij wisselende temperatuur. Wordt op een SX126x door DIO3 gevoed |
| Technisch ontwerp | Beschrijving van hoe een systeem gerealiseerd is: klassen, bestanden, platformrealisatie en buildketen, met bestandsnamen en regelnummers. Tegenhanger van het logisch ontwerp |
| Tekstsplicing | Het tweede overervingsmechanisme van PlatformIO: ${sectie.optie} vervangt de verwijzing letterlijk door de waarde van die ene optie. Anders dan extends, dat alle opties overneemt |
| Telemetry | Meetgegevens van sensoren die via het netwerk worden verstuurd |
| Traceerbaarheidsmatrix | Tabel die elk onderdeel uit het logisch ontwerp aanwijst in de broncodestructuur, met bestand en regelnummer. Lege regels blijven staan voor onderdelen die met opzet geen realisatie hebben |
| transitieve afhankelijkheid | Library die niet zelf gedeclareerd is maar meekomt omdat een andere library hem nodig heeft |
| Transport code | De 16 bits in transport_codes[0]. Geen identificatie van een regio maar een HMAC over payload type en payload, gezet met de regiosleutel. Verandert bij elk bericht; een repeater herkent hem door hem zelf te herberekenen, niet door hem op te zoeken |
| TwoWire | Arduino-klasse voor één I²C-bus. Wire is de eerste bus, Wire1 de optionele tweede voor telemetriesensoren |
| typeinjectie | Buildvlag die geen aan/uit-waarde draagt maar de naam van een klasse, zodat aanwezigheid en keuze in één macro zitten: RADIO_CLASS=CustomSX1262, DISPLAY_CLASS, EINK_DISPLAY_MODEL |
| UART | Universal Asynchronous Receiver-Transmitter — seriële communicatie interface |
| UF2 | USB Flashing Format — firmwarebestand dat je naar een USB-schijf sleept; gebruikt door nRF52 en RP2040 |
| uitsluitmacro | Macro die code uit de build haalt die zonder die macro meegecompileerd zou worden. RadioLib heeft er vijfentwintig (RADIOLIB_EXCLUDE_*), littlefs één (LFS_NO_ASSERT), Adafruit SSD1306 één (SSD1306_NO_SPLASH) |
| USB CDC-ACM | Communications Device Class / Abstract Control Model — de USB-klasse waarmee een node zich bij het besturingssysteem als seriële poort aanmeldt |
| UUID | Universally Unique Identifier — unieke identificatie voor BLE services |
| Variabiliteit | De mate waarin en de manier waarop één codebase verschillende producten oplevert. MeshCore varieert langs drie assen — rol, platformfamilie en bord — plus aanvullende buildopties, en komt zo op 508 buildtargets |
| Variant | Map onder variants/ met de bord-specifieke configuratie: pinnen, radiotype, display en de bijbehorende build-targets |
| vendoring | Het opnemen van externe code als kopie in de eigen repo, in plaats van hem als afhankelijkheid op te halen. MeshCore doet dat in lib/ en arch/. Deze documentatie noemt zulke code meegeleverd |
| Virtuele overerving | C++-constructie (virtual public) die voorkomt dat een klasse twee kopieën van een basisklasse krijgt wanneer die langs twee wegen bereikbaar is. NRF52BoardDCDC gebruikt hem voor de 30 bordklassen eronder |
| Web Flasher | Browser-tool om firmware te installeren zonder speciale software |
| Wrap | Frequentie springt terug naar begin van de band (0) na bereiken van maximum |
| Wrapper | Tussenlaag rond een externe driver die het MeshCore-contract draagt. Bij de radio is dat de klasse in WRAPPER_CLASS, naast de aangepaste chipdriver in RADIO_CLASS |
| XBM | X BitMap — eenvoudig monochroom beeldformaat dat als C-array in de firmware zit. drawXbm() zet het op het scherm |
| Xtensa | Processorarchitectuur van Cadence; LX6 in de klassieke ESP32, LX7 in de ESP32-S3 |
| Zelfstandige klasse | Klasse die geen contract is en er ook geen implementeert; niets hangt ervan af en niets kan hem vervangen. Groep 3 van het klassenmodel; 55 in de gedeelde broncode. Niet te verwarren met de firmwarerol Standalone |
| Zero-hop | Direct routeren met een leeg pad: alleen directe buren horen het, niemand stuurt het door |